donderdag 17 december 2009

prentje en de mensenmassa


Zonder dat ik het eigenlijk zelf wilde, bevond ik mij de afgelopen twee dagen tussen heel veel mensen. Gister even de stad in voor kerstinkopen. Braaf sta ik tussen alle mensen bij het stoplicht te wachten op groen. Van de overkant zie ik een hele grote man naderen, die dwars door het rode licht loopt. Naast me staat een politieagent, type-net-droog-achter-zijn-oren, zo ongeveer handenwrijvend de man op te wachten.  'Meneer, wacht eens even!' Verstoord kijkt de Grote Man op. 'U loopt door rood', zegt het politiemannetje, tamelijk overbodig. De menigte houdt zijn adem in. Hoe gaat de Grote Man reageren? Welnu, met de prachtige volzin: 'Jij hebt jouw leven. Ik de mijne'. Om vervolgens de Bijenkorf in te verdwijnen, de blauwe pet verbouwereerd achterlatend. Die zich vervolgens behoorlijk opgelaten voelde in een bulderende menigte.

Menigte twee vandaag. Drie sneeuwvlokken gevallen en het land ligt plat. 'Laten we maar een beetje op tijd weggaan', zegt collega M bezorgd. Ook zij heeft een kind met een kerstdiner vanavond. Aangekomen op het perron ziet het zwart van de mensen. Er staan twee treinen, aan beide kanten van het perron. Maar nergens wordt duidelijk of ze gaan vertrekken en waarheen. Bijna zit ik in de trein naar Nijmegen. En ik kan jullie vertellen beste mensen, dat is niet de kant op van het kerstdiner. 'De bus dan maar', stelt collega M voor. Ook hier natuurlijk kluwen mensen, kleumend in de sneeuw. Het Anton Pieckgevoel dat zich 's morgens van mij meester had gemaakt, versterkt door Zoon die riep: 'kijk mama, het lijkt buiten wel een schilderij!' was ver te zoeken. Heel ver te zoeken. Helemaal toen er eindelijk een bus stopte, en de chauffeur doodleuk uitstapte met de legendarische woorden: 'Even pauze'. Maar goed, eindelijk zaten we dan in een bus die ons naar Utrecht bracht. Daar aangekomen was het grote treinenbord opvallend leeg. Opnieuw de bus in, waar ik ongevraagd en ongewild, een gesprek moest aanhoren tussen twee pubers, compleet stoned. 'Kankuh-lekker, die sigaretten'. Wat ik op zich wel weer een mooie - onbedoelde - woordvondst vond. Vervolgens dwars door de sneeuwstorm naar het restje van de kerstviering, waar het stukje over de ezel en Maria wegens ruimtegebrek niet helemaal uit de verf kwam, maar wat gaf het. Even dacht ik terug aan vorig jaar, toen Zoon als kindje Jezus de show stal (foto). En nu ook weer blije ouders, stralende koppies: ik was weer thuis.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen