Toen ik gisteravond thuiskwam van een weekend in het kabouterhuis (waar was de zon? Niet bij ons) lag er een prachtige kaart van
haar in de brievenbus.
Ik zei het al eerder; het raakt me echt hoe u meeleeft met mijn keuze om weer te gaan studeren.
Voor mij is het voor het eerst dat ik een studiekeuze maak met mijn hart, en daarom is de kaart zo toepasselijk.
Ik schets u een kleine geschiedenis van mijn loopbaan.
Van jongs-af-aan hoor ik 'jij schrijft zo leuk, daar MOET je iets mee'. En ik, plichtsgetrouw als ik ben, dacht: 'ah, dit is blijkbaar mijn talent; dus ben ik verplicht om hier iets mee te doen' (hoort u de denkfout?).
Nou was ik ook heel goed in een verzameling muntjes (20 stuks) op mijn elleboog zetten en deze in één keer opvangen. Nachtenlang heb ik wakker gelegen omdat ik dacht: 'misschien is dit mijn talent, en ligt mijn toekomst in het circus, muntjesopvangend tussen het leeuwennummer en de clowns'.
Achteraf gezien misschien helemaal niet zo'n gekke plek.
Ik dwaal af, waar waren we? O ja, mijn calvinistische drang om mijn talent niet te verspillen. Dus ging ik braaf in de schoolkrantredactie, en meldde me aan bij de School voor Journalistiek (tot schrik van mijn moeder). Vervolgens werd ik prompt drie keer uitgeloot, wat ik misschien als teken van het universum had moeten zien, maar nee, ik schreef me voor de vierde keer in. Toen haalde het universum moedeloos haar schouders op ('
dan moet ze het zelf maar weten') en werd ik opgeleid als journalist.
Na het eerste jaar kwam ik erachter dat ik niet uit het goede journalistenhout ben gesneden ('
wilt u niets vertellen? Hoeft ook niet hoor'. En wég verhaal).
Na een kleine identiteitscrisis (er zouden er nog vele volgen) stapte ik over op de richting Voorlichting. Er was ook een richting Redactionele Vormgeving, maar dat leek me niets voor mij (ongelofelijk).
En dus studeerde ik af als voorlichter.
Na een jarenlange zoektocht in de communicatie (een periode die samen te vatten is als: van copywriter tot eindredacteur) begon het me langzaam te dagen: mijn hart ligt bij vormgeven. En na verschillende cursussen pak ik het nu dus serieus aan; enfin, dat weet u inmiddels.
Vind ik het eng? Ik vind het heel eng. Vormgeven is voor mij een emotionele achtbaan. Als ik een opdracht krijg, denk ik eerst: 'ik kan het niet'. Vervolgens ga ik aan de slag, en denk ik: 'hmm, ik kan dit echt wel'. Dan lever ik het in en denk ik: 'hoe kon ik denken dat ik dit kon?' En als de opdrachtgever enthousiast is, denk ik: 'zie je wel, ik wist dat ik het kon'.
Tot de volgende opdracht. Dan begint de rit in de achtbaan weer helemaal overnieuw.
Ik heb besloten om een kaartje te kopen voor deze attractie.
Gekozen met mijn hart.
Vandaag over een week gaat de kermis van start.
Ik ben er klaar voor.