zondag 4 november 2012

prentje en de buit

Ha, u had nog wat tegoed van mij hè? De rommelmarktschatten. Zal ik u eerst nog eens wat tips geven voor een geslaagde vlooienmarktjacht?

Allereerst: focus. Als je 750 kramen te gaan hebt, is het een onmogelijke opgave om overal stil te staan. Mijn focus is bijvoorbeeld: gekke houten poppetjes, met een special focus op muizenpoppetjes vanwege ons nieuwe behang (daarover later deze week meer).
Nu waren er gisteren opvallend veel kramen met vintagekleding, en er liepen dan ook bijzonder veel modemeisjes rond. Nu vind ik vintagekleren ook heel leuk, maar dit kost teveel tijd. Je maat zoeken in de enorme stapel, ondertussen links en rechts wat dreunen uitdelen tijdens een heuse catfight, man, dat kost me een tijd. Kan hoor, maar dan is de focus dus vintagekleding.

Tweede tip: zoek vooral op onooglijke markten. De vlooienmarkt in de IJ-hallen is eigenlijk al te hip. Vandaag was ik op de verzamelbeurs in Nieuwegein (ben je vandaag alwéér geweest? Tja, je hebt een hobby of je hebt 't niet hè) en daar vond ik bijvoorbeeld dit geweldige Tim Burtonpoppetje. (Let op de konijnenpantoffels, o, van zulke details word ik zo blij). Ha, en de verkoper dacht nog dat ik niet zag dat het een Tim Burton character was ('jij denkt waarschijnlijk alleen: leuk poppetje'). Maar goed, daar liepen alleen senioren, vastbesloten om hun munt- of postzegelverzameling compleet te maken. Juist op zulke plekken kun je de beste vondsten doen.

Derde tip: ga alleen. Dat is misschien niet zo gezellig, maar wel zo doelgericht. Vandaag was ik toevallig met Man, en dan spreken we op een bepaald tijdstip op een bepaalde plek af en gaan allebei onze eigen weg. Zoon speelde bij een vriendje; want uit ervaring weten we dat het niet zo'n succes is om Zoon mee te nemen naar dit soort markten ('gaan we nu nóg niet naar huis?').

Genoeg gepraat, ik laat u mijn aanwinsten van dit geslaagde weekend zien.
O, en die (nieuwe) Heidi-romper kon ik niet laten hangen voor 2 euro, ook al heb ik geen babydochter.

Ok, laatste tip: als u iets ziet wat té leuk is, vergeet dan de eerste tip...

zaterdag 3 november 2012

prentje in de IJ-hallen

Er zijn weinig dingen die ik liever doe dan struinen op vlooienmarkten en tweedehandswinkels.
Dus toen ik zag dat er dit weekend de grootste vlooienmarkt van Nederland werd gehouden, was ik snel verkocht.
Misschien is het voor u een bekend begrip, maar ik was nog nooit in de IJ-hallen geweest. Fantastisch. precies het goede rauwe industriële sfeertje. Ik moest meteen aan Berlijn denken.
Ik vergat bijna dat ik er was voor de rommelmarkt, zo geïmponeerd was ik door de panden.
Volgende keer ga ik weer, met mijn echte camera.
En wat ik uiteindelijk gekocht heb, 750 (!) kramen later?

Dat laat ik u morgen zien. (Oeh, een echte cliffhanger!)

vrijdag 2 november 2012

prentje en de spreekbeurt

'Ik wil mijn spreekbeurt graag over de Apenheul houden', zegt Zoon. Prima. Dient ons niet zo heel succesvol uitstapje toch een hoger doel.

Zondagmiddag gaan we er eens goed voor zitten samen. Dat wil zeggen, ik ga er goed voor zitten. Zoon is elke vijf minuten afgeleid. Dan vindt hij weer een sinterklaasfolder, moet hij hoognodig wat drinken of drentelt een beetje door de kamer.
Als dit een voorbode is, staat ons nog heel wat te wachten op huiswerkgebied.

Er is wat verwarring wat nu precies de bedoeling is ('ik zat toen even niet zo goed op te letten'), maar na een halve middag heeft hij toch wat in elkaar geflanst.
We gaan oefenen. Hij aan de andere kant van de kamer, om te testen of hij duidelijk verstaanbaar is met zijn 'klas-stem', ik als geïnteresseerde toehoorder.
'Het is vooral belangrijk dat je goed de klas inkijkt', kan ik niet nalaten hem mee te geven. 'Je kiest uit elke gedeelte van de groep een klasgenoot, dus links, rechts en in het midden van de groep. Die kijk je beurtelings aan. Zo kijk je goed de groep rond.'
Zoon zet zijn knuffels links en rechts, en ik fungeer als het midden. Hij doet het uitstekend.

'Ik ben nerveus, mam', zegt hij de volgende ochtend. 'Nergens voor nodig, je hebt toch goed geoefend?', zeg ik, stoerder dan ik me voel. Stiekem ben ik ook een beetje zenuwachtig, maar dat ga ik hem natuurlijk niet vertellen.

Ik kan niet wachten om hem die middag op te halen. 'Hoe ging het?', roep ik al uit de verte. 'Ik had een zeer goed', zegt hij trots.
'Als enige tip kreeg ik mee dat ik iets teveel de klas in keek, waardoor ik steeds kwijt was op mijn blaadje waar ik gebleven was.'

Het lijkt me beter dat ik me er maar niet meer mee bemoei voortaan.

woensdag 31 oktober 2012

prentje en de vroege Halloween

We zaten rustig te eten, Zoon en ik, afgelopen vrijdagavond. We waren net aan het bedenken wat we ons weekendje samen zouden gaan doen, toen de bel ging.

'Trick or treat', riepen vijf monstertjes voor de deur. Zoon's ogen werden groot. 'Mama, ze vieren nu al Halloween, we moeten langs de deuren!' Inwendig kreunde ik. 'Ja', zei het grootste monster, 'in de bouwspeeltuin is vanavond het Halloweenfeest'.

Zoon had zijn vleermuispak inmiddels aangetrokken en stond al buiten. Ik kon niet veel meer doen dan hem volgen. In de bouwspeeltuin hing een wat droevig sfeertje. Knakworstjes in een plasje tomatenketchup lagen zielig op een spookbord. Ze moesten doorgaan als afgehakte vingers, maar waren vroegtijdig verlaten door de spoken die stonden te trappelen om langs de huizen te gaan.
'Wij gaan ook langs de huizen', bulderde Zoon. 'Als je dat echt wilt, dan ga ik in ieder geval een vriendje bellen', zei ik benepen. 'Ik ga niet alleen met je langs de deuren. Ik vind het al triest genoeg.'

En zo liep ik vrijdagavond met een vleermuis en een monster langs de huizen, waar verbaasd kijkende mensen in de deuropening stonden. 'Halloween is toch pas volgende week?', vroegen ze volkomen terecht. Verschillende buurtgenoten hadden nog geen snoep in huis.
Als ze al open deden hè. Alsof dit niet afdoende vernederend was.

Teleurgesteld keek Zoon naar zijn avondopbrengst. 'Woensdag ga ik weer', zei hij resoluut. 'Dan ga je maar met je vader', zei ik onmiddellijk.

Eén avond langs de deuren bedelen is voor mij al horror genoeg.

dinsdag 30 oktober 2012

prentje zonder computer

Het begon met een raar brommend geluid, na een minuut of tien.
Maar dat negeerde ik gewoon. Ik kon mijn computer simpelweg niet missen.
Toen kwamen de meldingen. Dat mijn opstartschijf vol zat.
Ik flikkerde er zoveel mogelijk af, en dan ging het wel weer.
Ondertussen had ik geen muziek meer, geen filmpjes, en ook nog maar heel weinig foto's.

En toen gebeurde er iets heel raars. Als ik typte, schoot mijn beeld opeens weg. Soms in de linker-, en soms in de rechterbovenhoek. Alsof ie verstoppertje speelde.
Nu was het genoeg.
Ik googelde welke appeldokter hier in de buurt zat, en bracht 'm dezelfde middag nog weg.

Volgens de dokter zou het allemaal wel meevallen. Waarschijnlijk een nieuwe ventilator erin en hij zou weer jaren mee kunnen. Hij zou me wel even bellen de volgende dag wanneer ik 'm kon komen ophalen.
De volgende dag zat ik de hele dag in spanning te wachten. Aan het einde van de middag besloot ik toch maar even zelf te bellen.
Ik kreeg een andere medicus. 'De harde schijf is kapot, en al je data is verloren', deelde hij plompverloren mee. 'Dat kan niet', stamelde ik, 'het zou alleen maar de ventilator zijn. Ik heb bij jullie nog gezien dat hij nog leefde.'
Waar is dokter Bernard als je hem nodig hebt? 

'Misschien moet je morgen maar even met de behandelende arts bellen', zei hij.
Dat zei hij natuurlijk niet, maar dat past goed in het verhaal hè.
Maar hij zei wel dat ik zijn collega moest bellen.

Na een onrustige nacht belde ik opnieuw naar het fruitziekenhuis.
'Je was het niet eens met de diagnose van mijn collega?', zei mijn dokter.
'Nou, ik werd er nogal door overvallen', mompelde ik. 'Ik ben nogal aan mijn data gehecht'.
In mijn achterhoofd dacht ik aan de back-up die trouw draaide, dus ik was niet helemaal in paniek.
'Ach', zei hij gemoedelijk, 'in negen van de tien keer kan de harde schijf gereanimeerd worden.
Kom 'm maar halen vandaag'.

De dienstdoende arts kon mijn vragen niet beantwoorden of de harde schijf was gered, de overdracht was niet helemaal goed gegaan. Ik betaalde een flinke rekening, en nam de patiënt voorzichtig weer mee naar huis. Ik deed hem zelfs in de riem om in de auto. Er mocht 'm niets meer overkomen. Blij sloot ik hem aan. Wat duurde het lang. En wat een raar beeldscherm. Ik klikte de back up aan. Hij begon gelijk te saven. Maar wat raar, ik zag alleen maar mapjes van 2009. En een latest map, waar alleen de lege nieuwe harde schijf op stond. Nu begon de paniek wel toe te slaan. Het ziekenhuis was niet meer bereikbaar.

's Nachts kon ik niet slapen. Ik dacht aan de foto met papa; mijn huiswerk, de gekke ontwerpen. Allemaal verloren?
De volgende ochtend hing ik om half negen aan de telefoon. 'Het gaat helemaal niet goed met mijn computer', piepte ik. 'Mag ik weer langskomen?' Nou, het is eigenlijk nogal druk', zei de dokter aarzelend.
En toen heb ik gesmeekt.
En mocht ik er toch tussendoor.

Rustig sloot dokter appel de harde schijf aan. Gespannen keken we naar de monitor. Er flikkerde zachtjes een rood lampje. Aan-uit-aan-uit. 'Dit ziet er niet goed uit', zei hij zachtjes. 'Ga maar naar huis, ik bel je als er nieuws is'.

Vervolgens hoorde ik niets meer. Ik dacht aan mijn harde schijf, die vocht voor zijn leven. Ondertussen ging het andere leven gewoon door. Het werd weekend, en Zoon en ik gingen naar een natuurspeeltuin, ter afleiding.

Het werd maandag, en ik moest gewoon werken.
En toen kwam dat telefoontje. 'hij lijkt weer te gaan ademen', zei hij plechtig.
'Ik kan je wel zoenen!', riep ik blij.
De dokter praatte gewoon door, medici kunnen vaak niet zo goed omgaan met al te heftige emoties.
Al mijn collega's, die ik inmiddels geterroriseerd had met computerverhalen en gespannen meeluisterden, begonnen tegelijk te juichen. Nu klonk er toch een klein lachje aan de andere kant van de lijn. 'Er verschijnt een foto van je dochtertje op je bureaublad', deed hij live verslag. 'Dat is Zoon als kleuter', zei ik, niet eens beledigd. Al had ie gezegd dat het een hamster was; het was me om het even.

O, wacht, ik moet even herstarten voor een software update.
Sh*t, waar is die back up nu weer gebleven? O nee hè!?

Morgen toch maar weer bellen.

dinsdag 23 oktober 2012

prentje en de verschillende werelden

Had ik me toch weer door Zoon laten overhalen om mee te gaan naar Lego World. Terwijl ik wéét dat ik me daar heel ongelukkig voel.

Het begon al op de heenweg. 'Voor Zwolle, volg Apeldoorn', stond er op de borden.
Enfin, de TomTom deed verwoede pogingen om ons toch via Amersfoort te laten rijden, maar verschillende wegen waren afgezet. Dus wij richting Apeldoorn, terwijl de TomTom verontwaardigd steeds meer reistijd noteerde. 'Het lijkt wel een soort Alice in Wonderland', zei Man, 'in plaats van dat we dichter ons doel naderen, raken we er steeds verder van af'. Die opmerking maakte het bijna weer goed, want u weet hoe dol ik ben op Alice.
Maar zo was het ook precies. Nadat we 1,5 uur in de auto hadden gezeten, was de reistijd langer dan toen we nog in onze straat stonden.

Kijk, en dan begin je al niet lekker hè, aan zo'n evenement. En 500.000 schreeuwende kinderen maken het er dan niet beter op. Tel daar de harde primaire kleuren van 1 miljard Legoblokjes bij op, drie hallen zonder daglicht en dan heeft u een beetje het plaatje.
Goed, Zoon gelukkig en daar gaat het toch allemaal weer om. En nadat hij een Ninjagozwaard had gekregen, wilde hij eigenlijk ook wel naar huis.

Zie hem hier nog even zijn teleurstelling wegbijten na een verloren 'battle'; de held:
Volgend jaar gaan ze maar weer lekker samen, de mannen.

De volgende ochtend sleepte ik uit wraak Zoon mee naar een rommelmarkt. En daar vond ik voor 50 cent het boekje 'Kabouterstad' van dezelfde illustrator als Het Muizenboek, Nans van Leeuwen.
Welkom in mijn wereld.