zaterdag 3 april 2010

prentje en het vakantiehuisje

1 april is voor veel mensen een belangrijke datum. Niet alleen voor grappenmakers, zoals Zoon die, voordat het 08.00 uur is al vijftien grappen heeft gemaakt van het kaliber 'er zit in spin op je hoofd'.
Maar ook voor iedereen die een vakantiehuisje of iets dergelijks heeft. Dat is namelijk het begin van het seizoen.

Ons huisje stond nog vol met spullen van mijn moeder die, zoals eerder opgemerkt, nogal een andere smaak heeft. De boel moest dus leeggetrokken worden, maar door wie? Ik belde met een kringloopwinkel daar in de buurt. Bij het woord caravan haakte de beste man af. 'Nou', probeerde ik, 'het is niet echt een caravan met vaste meubels, de spullen staan er los in. Je moet meer aan Ikea-meubelen denken.' Dat was blijkbaar een toverwoord, want toen wilde hij wel langskomen. Wij moesten er dus als een speer naar toe.

Op het afgesproken tijdstip kwam er een grote vrachtwagen, met twee sjouwers. 'Tja', zei een van de sjouwers, 'ik weet niet of mijn collega het al verteld heeft, maar we nemen alleen dingen mee waarvan we denken dat ze nog verkoopbaar zijn. Mijn collega had het over Ikea-meubels?' We zagen de bui al hangen. Dat we er nog iets voor zouden krijgen, was al niet meer im Frage. We mochten onze handen dicht knijpen als hij het spul al mee zou nemen. Bedenkelijk keek hij naar de verzameling nepbloemen in vaasjes, de nephaard en de slaapbank. 'Die bank is kapot, die nemen we niet mee', sprak hij resoluut. 'Nee hoor, zei Man vlug, 'Die is nog prima.' En dat was ook zo, dus die ging de vrachtwagen in. Volgende sta-in-de-weg: een grote servieskast met gouden knopen. 'Je hebt oud en leuk-oud, en dit valt onder de categorie oud en onverkoopbaar', sprak hij streng. Ook de oude stoel ging daarom niet mee. Maar wel het serviesgoed, wat zo gedateerd is, dat het weer hip is. Denk porseleinen kopjes met herderinnetjes en gouden randjes. En jaren zeventig borden met oranje en bruine cirkels. Het was nog even in me opgekomen om het zelf te gaan verkopen, op koninginnedag ofzo, maar daar had ik even de puf niet voor. Het ding moest leeg, en wel zo snel mogelijk. En dan zag ik dit maar alvast als bijdrage aan de maatschappij.
Toen ik met het zoveelste nepboeket aan kwam zetten, moesten ze vlug weg.

Vervolgens keken we rond in een bijna leeg huisje. Op de plek waar de blauwe slaapbank had gestaan, zagen we een bruine lekkageplek. Ook de vloer was daar zo zacht dat we er niet te lang op moesten staan. Zwijgend keken Man en ik elkaar aan. 'Het wordt een paleisje, echt', probeerde ik de moed er in te houden.
Meer tegen mezelf eigenlijk.

donderdag 1 april 2010

prentje en de naaicursus

Een van mijn goede voornemens was: het snappen van mijn naaimachine. Toen ik laatst een foldertje in de bus kreeg van een naaicursus, dacht ik dan ook: dit is mijn kans. Gezellig met andere hippe mama's leuke dingen maken. Kopje thee erbij, kekke stofjes, beetje contacten leggen: ik zag het helemaal zitten.
Dus toog ik opgewekt met mijn naaimachine onder mijn arm richting cursuslocatie. Ik had al gemaild met de organisatie: ik stroomde wat later in, maar dat was geen enkel probleem, zei ze.
Voor het gebouw stonden een paar vrouwen gezellig te kletsen. 'Komen jullie ook voor de naaicursus?', vroeg ik, vol goede moed. Helaas. Dus liep ik alleen het gebouw binnen, waar ik ongeveer tot in de spelonken moest zijn. Ondertussen begon de naaimachine steeds zwaarder te worden onder mijn arm. Ik zag twee vriendelijke Indische dametjes. Dat was de naaicursus. Althans, een vriendelijk dametje gaf de cursus, en het andere vriendelijke dametje, die al wat verder was, zat te zwoegen op een rok.

Ik kreeg dus een soort van privéles. Er was wat gehannes met borden, en vervolgens kreeg ik een lijvig boekwerk waarin stond hoe je van iemand de maat moest opnemen. Dat herhaalde het vriendelijke vrouwtje op een van de borden. Vervolgens moest ik een ingewikkeld patroon van een rok natekenen, wat zij heel klein voortekende op het bord. Ik moest er een paar tafeltjes voor naar voren, anders kon ik het niet zien. Meteen kreeg ik weer visioenen van de wiskundeles, die voor mij met mijn soort van rekendyslectie (daar is zelfs een term voor: dyscalculie) een nachtmerrie waren.
Toen ze na een uur zei: 'en nu gaan we het patroon tekenen van een kokerrok', greep ik in. 'Euh', zei ik niet al te intelligent, 'ik weet niet hoe mijn naaimachine-die-ik-ooit-in-een-impuls-bij-de-Wehkamp-heb-besteld, werkt.' Vervolgens kreeg ik een uur uitleg over mijn naaimachine. En warempel, wat mama en schoonmama niet gelukt waren: ik kreeg een klein beetje door het ding in elkaar zat. Althans, hoe ik de boven- en onderdraad er in moet stoppen. Dat vond ik al heel wat.
Terwijl ik zat te klooien, vertelde het vriendelijke vrouwtje die les gaf wat meer over zichzelf. Ze werkte met demente bejaarden, deed het een en ander voor de kerk, en zette zich in voor een vrouwenorganisatie die vrouwen ondersteunde die het wat minder getroffen hadden. Vanmorgen was ze nog langs geweest bij vrouwen die het woord naaien op een heel andere manier interpreteren om Nederlandse taalles voor ze te regelen. Wat een vrouw. Ik schaamde me een beetje. Wat doe ik nu voor de maatschappij?
En zo leerde ik die avond meer dan het insteken van de draad.
Misschien moet ik maar jurken voor kinderen in Afrika maken.
Zodra ik door heb hoe die naaimachine werkt.

zondag 28 maart 2010

prentje en Otje

Ik houd van Fiep Westendorp. Natuurlijk, Annie M.G. Schmidt is ook fantastisch, maar zonder de  tekeningen van Fiep zouden Jip en Janneke, Otje, Ibbeltje en vele anderen nooit zo tot de verbeelding hebben gesproken.

Toen Zoon geboren werd, ontving ik van zus een fantastisch kraamcadeau. Ik kreeg een koffertje met daarin zeven pakjes, voor elke dag van de week een. In ieder pakje zat een boek van Annie, getekend door Fiep. Een paar jaar later kreeg ik van mijn schoonouders voor mijn verjaardag het boek 'Getekend: Fiep Westendorp'. Die staat naast de biografie Anna, van Annie M.G. Schmidt.
Ik denk dat ik mezelf daarom wel een kenner mag noemen van de tandem Fiep-Annie. En dan heeft vooral Fiep dus mijn voorkeur, niet alleen omdat ik zo ontzettend gek ben op illustraties, maar ook omdat ze volgens mij een hele lieve vrouw was. Meer op de achtergrond dan Annie, maar zeker niet minder talentvol. Als eerbetoon aan Fiep daarom deze voorjaarscollage.

Dit is een hele lange inleiding voor wat ik eigenlijk wil vertellen. Gisteren zijn we naar de theatervoorstelling 'Otje' geweest. Wat ik geweldig vond, was dat ze de illustraties van Fiep zo ongeveer tot leven hadden gewekt. Als Tos (gespeeld door de onvolprezen Rik Hoogendoorn) in een pan stond te roeren, was dat niet een echte pan, maar een getekende pan op een plaat van hardboard. Magisch.

Na de voorstelling en een drankje in de foyer, lopen we voldaan naar buiten. Op de hoek van het theater staat Rik een sigaretje te roken. 'Kijk Zoon', fluister ik, 'daar staat Tos'. Ongelovig kijkt Zoon me aan. Hij kent Hoogendoorn vooral uit Sesamstraat.
Verdwijnt nu alle magie? Rik ziet ons fluisteren en knikt ons toe. 'Vond je het leuk?', vraagt hij aan Zoon. Die knikt ijverig. 'Fijn dat jullie er waren', zegt hij vriendelijk.
De magische wereld van Fiep, Tos en alle anderen blijft intact.
Gelukkig maar.

vrijdag 26 maart 2010

prentje en de lentekriebels

Op de school van Zoon hebben ze het deze week over lentekriebels. Een soort voorlichting over de bloemetjes en de bijtjes, maar dan op het niveau van het kind. In het geval van Zoon op kleuterniveau dus.
De juf had ik het kringgesprek geopend met de belangrijke vraag: 'waar kom jij vandaan?' Omdat de antwoorden zo hilarisch waren, heeft ze ons, de papa's en mama's, een 'bloemlezing' gestuurd.

Werkelijk alles kwam voorbij. Van God tot Allah, van zaadjes tot de kip en het ei. Zoon leverde een uitstekende bijdrage door te stellen dat een baby door de navel van de mama kwam.
En als u zich afvraagt wat de zin van het leven is; Zoon heeft daar een heel goede reden voor. Ik citeer:
'Mensen moeten wel bestaan, anders is er voor niks een winkel.'
Dat u het even weet.

woensdag 24 maart 2010

prentje is jarig

Het voordeel van 38 jaar worden is dat je volstrekt lak moet hebben hebt hebt! aan wat hoort en niet hoort. Dus als ik een Roodkapjetaart wil, bestel ik een Roodkapjetaart.
(En hoe geweldig is ie? Ik wil 'm eigenlijk niet aansnijden. Gewoon een beetje naar staren de hele dag.)
Ik mag dan wel 38 jaar zijn, in mijn hart ben ik nog steeds 8.
Ik hou van feestjurken, maillots met polkadots en rokjes met bloemetjes. Waarschijnlijk hou ik daar ook nog van op mijn 78ste.
Word ik gewoon een hele hippe oma.
Het leven is een feestje.
Als u me nu wilt excuseren, ik moet even mijn eigen slingers gaan ophangen.

maandag 22 maart 2010

prentje is weer terug

Ik ben er weer hoor. Dat was toch wel even een hele reis. We vlogen namelijk via Charleroi (heel verraderlijk Brussel Zuid genoemd - nou, ik kan u vertellen dat het nog een behoorlijk eind is vanaf Brussel).

Man en ik gingen voor het eerst met zo'n budget maatschappij. Dat was al een hele ervaring an sich. Het is net een vliegende bus, anders kan ik het niet omschrijven. Dwars door de catacomben van het vliegveld, sta je opeens oog in oog met het vliegtuig. Niks slurven en andere toestanden. Je stapt in, hebt geen stoelnummer dus het is wie het eerst komt, heeft de beste plek. Man en ik konden nog net naast elkaar zitten. Wat wel prettig is met zo'n romantisch weekendje weg. En dan stap je na 2,5 uur uit, op de luchthaven van Porto. In de stromende regen.

Ik wilde graag door de oude volkswijk banjeren, waar ze dan zo heel romantisch het wasgoed buiten hebben hangen. Maar niemand hangt z'n was natuurlijk buiten als het water naar beneden klotst. Bovendien was het er vrij spooky.
Dus daar ging mijn fotomoment.

Maar daar staan gelukkig weer andere momenten tegenover. De vondst van een vintage-Legodoosje voor Zoon. Een kussensloop met Roodkapje, in een prachtige woonwinkel. Het belachelijk lage prijsniveau (een euro voor een biertje).
De wedstrijd Benfica-FC Porto, in de kroeg gezien tussen de Portugezen (helaas verloren). 'Onze' straat, met schitterende Magnoliabomen (mijn favoriet) al in bloei. Een overdekte markt in een prachtig gebouw waar ze van alles verkopen, van levende kippen (zielig) tot nepbloemen. Een terrasje in een badplaats aan zee (iets verderop) in de lentezon. Een superhip overhemd voor Man bij de Zara.
These are a few of my favorites things.

En de oude volkswijk? Die heb ik uiteindelijk in volle glorie gezien op een uitvergrote foto, die geplakt op een hardboard het decor vormde van een soort nepterras op de bovenste etage van een winkelcentrum.
Soms is de werkelijkheid te realistisch.

donderdag 18 maart 2010

prentje goes Porto

'Morgen komen opa en oma', zeg ik tegen Zoon. 'Tja, de tijd vliegt voorbij', verzucht de 80-jarige vijfjarige.

Ooit ben ik deze blog begonnen om de dingen te laten zien die ik maak, de zogenaamde "prentjes". Dat verklaart ook de titel: prentjemaakt (ok, het feit dat prentje.blogspot al vergeven was, speelde ook een kleine rol). Gaandeweg herontdekte ik de liefde voor het schrijven. Van schrik maakte ik niets meer. Maar van de week kwam ik zo'n leuke stof tegen, die smeekte erom bewerkt te worden. Eigenlijk moest ik enorm gaan schoonmaken - mijn schoonouders komen in huis, en ik hou graag de schijn op dat ik heel netjes ben, iets waar ze waarschijnlijk allang niet meer in geloven - maar er moesten prioriteiten gesteld worden. En die lagen natuurlijk bij het leuke stofje. En dus zat ik midden in de troep een huisje te maken. Die moest af, omdat ik bedacht had dat het leuk was om op deze blog te zeggen dat ik de deur achter me dicht trok. Prioriteiten ja, ik zei het al.

Ik ga namelijk een weekendje weg. Naar Porto dus.
Trouwe bloglezers wisten dat allang natuurlijk.
Ik trek dus de deur achter me dicht (ja hoor, daar is ie. Toepasselijk hè?).
En nu gauw schoonmaken.