Het gebeurt me regelmatig: ik ga naar een willekeurige kofferbakmarkt, zie iets leuks; denk: 'maar ik heb al zoveel spullen', laat het liggen, en krijg vervolgens spijt.
Zo kocht ik laatst deze roze caravan. Ze had ook nog een broertje in een andere kleur, maar ik dacht dus: 'ik heb al zoveel caravannetjes', en liet daarom de broer liggen. Toen ik thuiskwam, bleek ik ook al een nichtje in het geel te hebben. Heb ik zomaar de kans van een familiereünie op een natuurkamping laten liggen. Voor twintig cent hè, de caravannetjes waren twintig cent.
En afgelopen weekend gebeurde me iets soortgelijks. Ik zag een kinderboek, dacht: 'maar ik heb al zoveel boeken', en kocht 'm daarom niet. Halverwege ging ik toch maar even terug, maar de verkoper was al vertrokken. Toen ik het boek later op internet opzocht, bleek het om een uniek exemplaar te gaan. Nou vond ik ook een ander boek van dezelfde illustrator op de markt, maar daar kan ik dan opeens minder van genieten. Obsessief denk ik alleen maar aan dat Ene Boek, net als ik nu naar de roze caravan kijk, ik vooral denk aan Die Andere die ik niet heb meegenomen.
Ik heb altijd meer spijt van de dingen die ik niet doe, dan de dingen die ik wel doe.
Hmm, zou daar de oplossing voor het studiedilemma liggen?
Dank overigens voor alle lieve, fantastische adviezen. Ik waardeer het enorm dat jullie zo met me meedenken.
En heb nog steeds geen beslissing genomen.
woensdag 12 september 2012
maandag 10 september 2012
prentje en de studie
'O, wat leuk, kom je dan bij mij in de klas?', vraagt hij verheugd.
Ik zit met een dilemma. Nu zit ik met veel dilemma's in dit leven (ben ik wel een goede moeder? Geef ik mijn vriendinnen wel genoeg aandacht? Moet ik niet vaker bij mijn ouders langs?) maar deze heeft betrekking op mijn toekomst.
Ik zit al maanden te dubben of ik deze maand zal beginnen met de avondstudie Grafische Vormgeving. Deze duurt drie jaar en het houdt in dat ik twee avonden in de week naar school moet. Daarnaast moet ik nog tien uur thuis aan de bak. Heel druk dus, naast baan, gezin en sociaal leven.
O ja, en ook nog het huishouden. Maar dat delft altijd het onderspit, dus dat is het huis inmiddels wel gewend. Sterker nog, ik denk dat de vloer zou schrikken als ik opeens met de stofzuiger aan zou komen. De kleren in de was zouden een heilzaam onderkomen zoeken als ze niet langer dan vier dagen gezellig met z'n allen op zolder liggen. En zo kan ik nog wel even doorgaan, maar daar hadden we het helemaal niet over. Ieder z'n talenten.
En dan heb ik u ook nog, trouwe bloglezer. Want dat houdt ook in dat ik minder tijd voor mijn plekje hier heb. En minder mogelijkheid om me even lekker uit te leven met masking tape, zoals hierboven.
Ik twijfel en ik twijfel maar, en ondertussen word ik er horendol van. Ik heb inmiddels gesproken met iemand die de opleiding heeft gevolgd, iemand uit het vak, en vanavond ben ik ook nog naar de open avond geweest. En hoorde daar bevlogen docenten fotografie, tekenen en vormgeving praten over de veelzijdige opleiding. Maar het is ook zwaar, hoorde ik weer.
En wat wil ik nu echt? Ben ik wel in de wieg gelegd voor vormgever, of ben ik toch meer een generalist die vormgeving combineert met (absurde) teksten? Want ik schrijf ook graag over geschokte stofzuigers.
Enne, elke week opdrachten inleveren die we klassikaal bespreken, lijkt me ver-schrik-ke-lijk eng.
Kortom, ik kom er niet uit. Ik moet nu wel eens gaan beslissen, anders starten ze zonder mij.
En of dat erg is; daar kom ik maar niet achter.
woensdag 5 september 2012
prentje en de muizen, deel 2
Met de auto of met de trein naar Carré voor de presentatie van deel 2 van het Muizenhuis? Met de trein zou het kielekiele worden, dus besloot ik om de auto te pakken. Snel toetste ik het adres in de Tomtom in.
Mijn Tomtom heeft de laatste val van het dashboard niet zo goed doorstaan. Of hij neemt gewoon wraak omdat ik er niet voorzichtig genoeg mee omga, dat zou me eerlijk gezegd ook niets verbazen. Feit is dat het geluid niet meer harder kan dan fluisterzacht, en dat de route min of meer of zijn kop wordt weergegeven, waar ik als vrouw (en dus geen kaartlezer) horendol van word.
Maar goed, we dwalen af, ik typte gehaast het adres in en we konden vertrekken. Toen ik volgens Tom op mijn bestemming stond (wat dus al een hele prestatie is, gezien de gemoedstoestand van de wegwijzer) en er in geen velden of wegen een Carré of wat daar ook maar op lijkt te bekennen viel, drong langzamerhand het besef door dat ik misschien het verkeerde adres in had getypt. We hadden nog 15 minuten tot de presentatie zou beginnen. 'Amsteldijk!, ik heb Amsteldijk in plaats van Amstel in getoetst', jammerde ik tegen Zoon, die razendsnel het goede adres had opgezocht.
Terwijl ik mezelf zachtjes zat uit te schelden achter het stuur, aaide Zoon liefdevol over mijn hoofd. 'Dat is gewoon een vergissing mama', zei hij zoet, 'dat kan iedereen overkomen.'
Ik zal u de details van de rest van de rit besparen, maar wonder boven wonder arriveerden we met twee wielen door de bocht drie minuten voor twee toch bij het theater. Als een mantra bleef ik het kenteken van de auto herhalen, want inmiddels wist ik dat je in een Amsterdamse parkeerautomaat je kenteken moet invoeren. Van schrik pinde ik zoveel dat we zo ongeveer tot eind 2012 kunnen blijven staan, daar aan de Amstel.
Hijgend renden we Carré binnen. 'Rij 7, waar is rij 7?', piepte ik nog een beetje hyper. Tot onze grote verrassing bleken we op de eerste rij plaats te kunnen nemen. Net toen ik me af wilde vragen waar rij 1 tot en met 6 waren gebleven, doofden de lichten en kwam Gijs Scholten van Aschat op. Ah, dat was opnieuw een fijne verrassing. Gijs ging met zijn fluwelen stem de Muizenboeken voorlezen, op nog geen meter afstand van me. Besmuikt maakte ik een fotootje, maar ik kreeg gelijk een visioen dat hij voor een uitverkocht Carré zou vragen of ik niet zo in zijn ogen wilde flitsen, dus legde ik die maar gauw weg.
Toen Gijs was uitgelezen en er nog een muzikaal intermezzo had plaatsgevonden, kreeg Karina het boek officieel uitgereikt. Ze bleek 6 stoelen verderop te zitten, maar ik had haar in mijn gehaaste paniek helemaal over het hoofd gezien.
'Ik storm vast naar de boeken toe', fluisterde Zoon. Want we moesten natuurlijk wel een gesigneerd exemplaar bemachtigen. Toen we die hadden (van te voren door haar gesigneerd), drong het pas tot me door dat ze ook had gezegd dat ze boven zelf zat te signeren. Verdorie.
Boven stond inmiddels een enorme rij. 'Wil je dat Karina je naam nog in je boek zet?', vroeg ik aan Zoon. Verbaasd keek hij me aan. 'Ik kan er toch zelf mijn naam in zetten?' Ik mompelde wat richting Amstel dat dit toch niet helemaal hetzelfde was.
We gingen maar even wat drinken in het cafeetje om de hoek, ik kon toch parkeren tot Sint Juttemis. Het boek was uiteraard weer prachtig. Toch bleef het aan me knagen, van die naam. Nadat we ons drankje op hadden, zei ik tegen Zoon dat ik toch nog even wilde kijken of ze er nog was. Inmiddels was de rij flink geslonken, en schoven we braaf als laatste in de rij aan. 'Jullie zijn dappere dodo's', zei Karina lachend, doelend op de enorme rij die er eerder stond. Ik zei maar niet dat we tussendoor even gepauzeerd hadden. Nog steeds vriendelijk hè terwijl ze net zesduizend boeken had gesigneerd, met al die namen van de Amsterdamse kindjes ('Nee, ik heet Fee met A IJ!'). Van de weeromstuit liet ik er mijn eigen naam ook maar inzetten.
Geen muizenissen in het hoofd van Karina dus, deel 3 en 4 van het Muizenhuis staan ook al op de rol.
Mochten deze weer worden gepresenteerd, dan zijn we graag weer van de partij.
En dan komen we met de trein.
Mijn Tomtom heeft de laatste val van het dashboard niet zo goed doorstaan. Of hij neemt gewoon wraak omdat ik er niet voorzichtig genoeg mee omga, dat zou me eerlijk gezegd ook niets verbazen. Feit is dat het geluid niet meer harder kan dan fluisterzacht, en dat de route min of meer of zijn kop wordt weergegeven, waar ik als vrouw (en dus geen kaartlezer) horendol van word.
Maar goed, we dwalen af, ik typte gehaast het adres in en we konden vertrekken. Toen ik volgens Tom op mijn bestemming stond (wat dus al een hele prestatie is, gezien de gemoedstoestand van de wegwijzer) en er in geen velden of wegen een Carré of wat daar ook maar op lijkt te bekennen viel, drong langzamerhand het besef door dat ik misschien het verkeerde adres in had getypt. We hadden nog 15 minuten tot de presentatie zou beginnen. 'Amsteldijk!, ik heb Amsteldijk in plaats van Amstel in getoetst', jammerde ik tegen Zoon, die razendsnel het goede adres had opgezocht.
Terwijl ik mezelf zachtjes zat uit te schelden achter het stuur, aaide Zoon liefdevol over mijn hoofd. 'Dat is gewoon een vergissing mama', zei hij zoet, 'dat kan iedereen overkomen.'
Ik zal u de details van de rest van de rit besparen, maar wonder boven wonder arriveerden we met twee wielen door de bocht drie minuten voor twee toch bij het theater. Als een mantra bleef ik het kenteken van de auto herhalen, want inmiddels wist ik dat je in een Amsterdamse parkeerautomaat je kenteken moet invoeren. Van schrik pinde ik zoveel dat we zo ongeveer tot eind 2012 kunnen blijven staan, daar aan de Amstel.
Hijgend renden we Carré binnen. 'Rij 7, waar is rij 7?', piepte ik nog een beetje hyper. Tot onze grote verrassing bleken we op de eerste rij plaats te kunnen nemen. Net toen ik me af wilde vragen waar rij 1 tot en met 6 waren gebleven, doofden de lichten en kwam Gijs Scholten van Aschat op. Ah, dat was opnieuw een fijne verrassing. Gijs ging met zijn fluwelen stem de Muizenboeken voorlezen, op nog geen meter afstand van me. Besmuikt maakte ik een fotootje, maar ik kreeg gelijk een visioen dat hij voor een uitverkocht Carré zou vragen of ik niet zo in zijn ogen wilde flitsen, dus legde ik die maar gauw weg.
Toen Gijs was uitgelezen en er nog een muzikaal intermezzo had plaatsgevonden, kreeg Karina het boek officieel uitgereikt. Ze bleek 6 stoelen verderop te zitten, maar ik had haar in mijn gehaaste paniek helemaal over het hoofd gezien.
'Ik storm vast naar de boeken toe', fluisterde Zoon. Want we moesten natuurlijk wel een gesigneerd exemplaar bemachtigen. Toen we die hadden (van te voren door haar gesigneerd), drong het pas tot me door dat ze ook had gezegd dat ze boven zelf zat te signeren. Verdorie.
Boven stond inmiddels een enorme rij. 'Wil je dat Karina je naam nog in je boek zet?', vroeg ik aan Zoon. Verbaasd keek hij me aan. 'Ik kan er toch zelf mijn naam in zetten?' Ik mompelde wat richting Amstel dat dit toch niet helemaal hetzelfde was.
We gingen maar even wat drinken in het cafeetje om de hoek, ik kon toch parkeren tot Sint Juttemis. Het boek was uiteraard weer prachtig. Toch bleef het aan me knagen, van die naam. Nadat we ons drankje op hadden, zei ik tegen Zoon dat ik toch nog even wilde kijken of ze er nog was. Inmiddels was de rij flink geslonken, en schoven we braaf als laatste in de rij aan. 'Jullie zijn dappere dodo's', zei Karina lachend, doelend op de enorme rij die er eerder stond. Ik zei maar niet dat we tussendoor even gepauzeerd hadden. Nog steeds vriendelijk hè terwijl ze net zesduizend boeken had gesigneerd, met al die namen van de Amsterdamse kindjes ('Nee, ik heet Fee met A IJ!'). Van de weeromstuit liet ik er mijn eigen naam ook maar inzetten.
Geen muizenissen in het hoofd van Karina dus, deel 3 en 4 van het Muizenhuis staan ook al op de rol.
Mochten deze weer worden gepresenteerd, dan zijn we graag weer van de partij.
En dan komen we met de trein.
prentje en de muizen, deel 1
Ik ben een enorme fan van het Muizenhuis van Karina Schaapman.
Vorig jaar kwam zij hier in de bibliotheek in Utrecht vertellen hoe zij het Muizenhuis had gemaakt. Ik sloot haar meteen in mijn hart. Met engelengeduld legde ze voor de 400ste keer uit hoe ze het Muizenhuis kamer voor kamer had opgebouwd van sloopmateriaal. Elke vraag van de kinderen beantwoordde ze; ze had zelfs uitknipvellen mee zodat de kleintjes (en stiekem ook wat groten) hun eigen muizenhuis konden bouwen.
Blij gingen wij met een gesigneerd exemplaar van het Muizenhuis naar huis.
Sindsdien volg ik Karina een beetje en zijn we digitale vrienden. In interviews vertelt ze regelmatig dat ze op het idee van het Muizenhuis is gekomen door het enige kinderboek dat ze vroeger in huis had: het Muizenboek.
Afgelopen zomervakantie snuffelde ik wat door de boeken van een boekenkraampje op de markt van ons kustdorpje. Mijn hart maakte een sprongetje toen ik op het Muizenboek stuitte. Toen ik er doorheen bladerde, begreep ik waarom Karina dit boek zo koesterde. 'Vijftig cent', antwoordde de mevrouw toen ik vroeg hoeveel het lieve boekje kostte. 'Ja, de rug is een beetje beschadigd hè', zei ze er verontschuldigd bij. Nou heeft mijn schoonvader als hobby boekbinden, dus dat is geen enkel probleem. En dan nog: vijftig cent voor zo'n geweldig boek dat de basis heeft gevormd voor een ander fantastisch boek, kun je je geld op een betere manier uitgeven?
En dat fantastische boek krijgt vanmiddag een vervolg. Zoon en ik vertrekken zo naar Carré, waar deel 2 van het muizenhuis wordt gepresenteerd: 'Sam en Julia in het theater'.
En daarnaast is Karina ook nog druk bezig om op de zolder van Kasteel Groeneveld het Muizenhuis in het groot na te bouwen. De opening is op 19 september.
We kunnen september daarom wel uitroepen tot Muizenmaand.
Vorig jaar kwam zij hier in de bibliotheek in Utrecht vertellen hoe zij het Muizenhuis had gemaakt. Ik sloot haar meteen in mijn hart. Met engelengeduld legde ze voor de 400ste keer uit hoe ze het Muizenhuis kamer voor kamer had opgebouwd van sloopmateriaal. Elke vraag van de kinderen beantwoordde ze; ze had zelfs uitknipvellen mee zodat de kleintjes (en stiekem ook wat groten) hun eigen muizenhuis konden bouwen.
Blij gingen wij met een gesigneerd exemplaar van het Muizenhuis naar huis.
Sindsdien volg ik Karina een beetje en zijn we digitale vrienden. In interviews vertelt ze regelmatig dat ze op het idee van het Muizenhuis is gekomen door het enige kinderboek dat ze vroeger in huis had: het Muizenboek.
Afgelopen zomervakantie snuffelde ik wat door de boeken van een boekenkraampje op de markt van ons kustdorpje. Mijn hart maakte een sprongetje toen ik op het Muizenboek stuitte. Toen ik er doorheen bladerde, begreep ik waarom Karina dit boek zo koesterde. 'Vijftig cent', antwoordde de mevrouw toen ik vroeg hoeveel het lieve boekje kostte. 'Ja, de rug is een beetje beschadigd hè', zei ze er verontschuldigd bij. Nou heeft mijn schoonvader als hobby boekbinden, dus dat is geen enkel probleem. En dan nog: vijftig cent voor zo'n geweldig boek dat de basis heeft gevormd voor een ander fantastisch boek, kun je je geld op een betere manier uitgeven?
En dat fantastische boek krijgt vanmiddag een vervolg. Zoon en ik vertrekken zo naar Carré, waar deel 2 van het muizenhuis wordt gepresenteerd: 'Sam en Julia in het theater'.
En daarnaast is Karina ook nog druk bezig om op de zolder van Kasteel Groeneveld het Muizenhuis in het groot na te bouwen. De opening is op 19 september.
We kunnen september daarom wel uitroepen tot Muizenmaand.
maandag 3 september 2012
prentje en de post
'Er is post voor je', zegt Man. Blij rij ik van mijn werk naar huis.
En op een hoekje van de tafel ligt een kaart van mijn vriendinnetje-die-me-zo-dierbaar-is, en een pakje van Barbera. Ik had laatst een berichtje op haar blog achter gelaten, en won daarmee spontaan haar Give-away, zonder dat dit eigenlijk de intentie was. Maar misschien daarom wel des te leuker.
Barbera, dank je wel voor je leuke kaarten!
Klein geluksmomentje op een doordeweekse maandag.
En op een hoekje van de tafel ligt een kaart van mijn vriendinnetje-die-me-zo-dierbaar-is, en een pakje van Barbera. Ik had laatst een berichtje op haar blog achter gelaten, en won daarmee spontaan haar Give-away, zonder dat dit eigenlijk de intentie was. Maar misschien daarom wel des te leuker.
Barbera, dank je wel voor je leuke kaarten!
Klein geluksmomentje op een doordeweekse maandag.
zondag 2 september 2012
prentje en het weekend
De lucht ruikt anders; kruidiger. Langzamerhand maakt de natuur rond het huisje zich op voor de naderende herfst. De kleuren veranderen ook, ze worden wat voller.
Ik weet nog niet of ik toe ben aan het volgende jaargetijde. Eigenwijs heb ik mijn zomerjurkje aangetrokken terwijl ik op de fiets stap naar het bakkertje in het dorp. Mijn missie is duidelijk: croissantjes voor Zoon en mij.
Er staat geen rij meer buiten bij de bakker, zoals in het hoofdseizoen. Het kustdorp wordt weer meer voor de bewoners. De openingstijden bij de supermarkt zijn alweer aangepast: ze zijn nu nog maar tot 17.45 uur open, in plaats van 21.00 uur.
Gelukkig zijn er nog wel wat vriendjes voor Zoon. Hij speelt buiten terwijl ik mijn mobiel pak.
Ik lees alle reacties die binnen zijn gekomen op mijn vorige bericht en ben opnieuw ontroerd.
Het is zo fijn om te lezen hoe enthousiast mensen zijn over de publicatie. En dat het wordt herkend en gewaardeerd wat ik wil bereiken: alledaagse momenten bijzonder maken. Eerlijk gezegd vind ik het leven niet altijd een chocoladetaart. Mijn remedie is om oog te blijven houden voor de mooie dingen, en deze te delen. En dat ik hierin slaag is echt een groot geschenk.
Zoon en ik gaan een flink eind wandelen. De hei bloeit prachtig. Zoon rent weg om een takje voor me te plukken. Ik wil net een heel verhaal houden over natuurbehoud, maar hij kijkt me zo stralend aan dat ik mijn opmerking maar even inslik. Komt wel op een later moment.
Zoon is alweer afgeleid en vindt een mooie stok. Meteen heeft hij er een heel verhaal bij. Een oudere dame die voor ons loopt, kijkt glimlachend om. Ik sla trots mijn arm om zijn schouder. Mijn kind.
We gaan wat drinken samen. De man die onze tafel komt afruimen, wil de stok ook meenemen.
Verontwaardigd kijkt Zoon hem aan. 'Het is maar een stok', zegt de man schouderophalend.
'Het is niet maar een stok, zegt Zoon. 'Als je je fantasie gebruikt, kan het alles zijn. Alles, wat je maar kunt verzinnen.'
En nu zit ik in dubio, hè. Want dit is niet het officiële einde. Zoon vergat zijn stok, afgeleid door zijn ijsje, en rende snel terug. Terwijl ik op hem wachtte, zag ik hem aankomen, zijn ogen vol verdriet.
De man had zijn stok weggegooid.
Niet iedereen heeft dezelfde gave.
Ik weet nog niet of ik toe ben aan het volgende jaargetijde. Eigenwijs heb ik mijn zomerjurkje aangetrokken terwijl ik op de fiets stap naar het bakkertje in het dorp. Mijn missie is duidelijk: croissantjes voor Zoon en mij.
Er staat geen rij meer buiten bij de bakker, zoals in het hoofdseizoen. Het kustdorp wordt weer meer voor de bewoners. De openingstijden bij de supermarkt zijn alweer aangepast: ze zijn nu nog maar tot 17.45 uur open, in plaats van 21.00 uur.
Gelukkig zijn er nog wel wat vriendjes voor Zoon. Hij speelt buiten terwijl ik mijn mobiel pak.
Ik lees alle reacties die binnen zijn gekomen op mijn vorige bericht en ben opnieuw ontroerd.
Het is zo fijn om te lezen hoe enthousiast mensen zijn over de publicatie. En dat het wordt herkend en gewaardeerd wat ik wil bereiken: alledaagse momenten bijzonder maken. Eerlijk gezegd vind ik het leven niet altijd een chocoladetaart. Mijn remedie is om oog te blijven houden voor de mooie dingen, en deze te delen. En dat ik hierin slaag is echt een groot geschenk.
Zoon en ik gaan een flink eind wandelen. De hei bloeit prachtig. Zoon rent weg om een takje voor me te plukken. Ik wil net een heel verhaal houden over natuurbehoud, maar hij kijkt me zo stralend aan dat ik mijn opmerking maar even inslik. Komt wel op een later moment.
Zoon is alweer afgeleid en vindt een mooie stok. Meteen heeft hij er een heel verhaal bij. Een oudere dame die voor ons loopt, kijkt glimlachend om. Ik sla trots mijn arm om zijn schouder. Mijn kind.
We gaan wat drinken samen. De man die onze tafel komt afruimen, wil de stok ook meenemen.
Verontwaardigd kijkt Zoon hem aan. 'Het is maar een stok', zegt de man schouderophalend.
'Het is niet maar een stok, zegt Zoon. 'Als je je fantasie gebruikt, kan het alles zijn. Alles, wat je maar kunt verzinnen.'
En nu zit ik in dubio, hè. Want dit is niet het officiële einde. Zoon vergat zijn stok, afgeleid door zijn ijsje, en rende snel terug. Terwijl ik op hem wachtte, zag ik hem aankomen, zijn ogen vol verdriet.
De man had zijn stok weggegooid.
Niet iedereen heeft dezelfde gave.
vrijdag 31 augustus 2012
prentje en de Margriet More
Ik start nog even mijn computer op om het telefoonnummer van de garage te zoeken; de auto maakt nog steeds zo'n raar geluid bij het opstarten. Ik kan het niet nalaten om ook even een blik op mijn eigen blogje te werpen.
En daar staat het opeens, bij de opmerkingen, de opmerking van Bien maakt: 'Misschien wist je het al, maar onze blogs staat allebei in de Margriet More.'
Mijn hart klopt in mijn keel. 'Ik sta in een tijdschrift met mijn blog!', roep ik naar Zoon. Zoon juicht mee. 'Eigenlijk staan wij er samen in, hè mam', zegt hij samenzweerderig. 'Want je schrijft heel vaak over mij.' 'Je bent dan ook mijn muze', roep ik over mijn schouder, maar heb geen tijd om uit te leggen wat dat woord betekent. Want ik wil gauw naar de boekhandel.
Op weg er naar toe denk ik dat ik waarschijnlijk in een lange lijst van blogs sta. Wat shaky zoek ik naar de special. Ah, daar is ie. Met trillende handen blader ik 'm door. En daar staat opeens een lovend stukje, over mijn eigen blog. Nu maak ik niet heel veel dingen van Lego, maar ik voel me toch erg trots. Vooral omdat er in staat dat 'alledaagse dingen door mijn blik bijzonder worden'. Laat dat nu precies zijn wat ik wilde bereiken. Ik voel een brok in mijn keel opkomen.
'Is het een cadeautje?' vraagt de mevrouw aan de toonbank.
'Ja', zeg ik. 'Een cadeau voor mezelf.'
Abonneren op:
Posts (Atom)













